Hans Crombag en Willem Albert Wagenaar

Hans F.M. Crombag (1935)

Na zijn studie psychologie in Nijmegen en promotie aan de Universiteit van Amsterdam, was Hans Crombag bijzonder hoogleraar Rechtspsychologie aan juridische faculteit van de Universiteit Leiden. Daarnaast was hij deeltijdhoogleraar Rechtspsychologie aan de Universiteit Antwerpen en hoogleraar ‘De gedrags- en maatschappijwetenschappelijke bestudering van het recht’ aan de Universiteit Maastricht. Sinds zijn emeritaat in 2000 is hij als honorair hoogleraar in de gedrags- en maatschappijwetenschappelijke bestudering van het recht verbonden aan de Universiteit Maastricht.

Zijn kritische houding ten opzichte van het (straf)rechtsbedrijf in Nederland deelde hij met Willem Albert Wagenaar. Hun onderzoek naar het denken van de strafrechter en over het gebruikmaken van en tot stand komen van bewijsmiddelen, geldt met recht als pionierswerk. Het leidde tot het baanbrekende boek: Dubieuze zaken (1992), dat Crombag samen met Peter van Koppen en Willem Albert Wagenaar schreef. Samen met Harold Merckelbach schreef hij Hervonden herinneringen en andere misverstanden (1996). In 1988 eerde de European Associaton for Psychology and Law Crombag met de Award for Lifetime Contribution to Psychology and Law en noemde hem ‘de grondlegger van de Europese rechtspsychologie’.

 

Willem Albert Wagenaar (1941-2011)

Willem Albert Wagenaar studeerde in 1965 cum laude af in de experimentele psychologie aan de Universiteit Utrecht. Na zijn afstuderen trad hij in dienst van het TNO Instituut voor Zintuigfysiologie in Soesterberg en in 1972 promoveerde hij aan de Universiteit Leiden.  Van 1982 tot en met 2001 was hij verbonden aan dezelfde universiteit als hoogleraar psychologische functieleer, vanaf 1997 ook als rector magnificus. Na zijn aftreden als rector bleef hij hoogleraar rechtspsychologie aan de Leidse Universiteit, maar was daarnaast ook korte tijd rector te Utrecht. Tot zijn emeritaat was hij universiteitshoogleraar te Utrecht.

In eerste instantie deed Wagenaar vooral onderzoek naar de werking van het geheugen. Beroemd is het onderzoek dat hij zes jaar lang deed naar zijn eigen geheugen (My memory verschenen in het tijdschrift Cognitive psychology). Mede geïnspireerd door het werk van Elizabeth Loftus verschoof zijn onderzoeksterrein steeds meer richting de rechtspsychologie. Wagenaar verwierf internationale bekendheid als getuige-deskundige in de rechtszaak tegen John Demjanjuk en in de Eper incestzaak. Zijn boek Het herkennen van Iwan (1989) was de aanleiding om de regels voor herkenningsprocedures in Nederland te verbeteren.

>>AANMELDEN<<